☰ Menu

Dag 3, Slovenië naar Bosnië

Dag 3, Slovenië naar Bosnië

We reden naar Bosnië vandaag.


De reis naar Slovenië

Na een goede nacht slapen in de tent, werden we rustig wakker met het zachte gefluit van de vogels en het eerste zonnetje dat de tent opwarmde. Er hing zo’n fijne vakantiesfeer in de lucht – geen haast, geen stress, alleen het vooruitzicht van een nieuwe dag vol avontuur. Omdat we even moesten wachten op de hotelgangers Ben en John, vertrokken we pas later vanaf de camping. Terwijl wij onze spullen verzamelden, kwamen zij uitgerust en met een glimlach aangelopen. Iedereen had er zin in.

We besloten die dag de routes te splitsen: Ben en John kozen voor een wat kortere, relaxte rit, terwijl wij de uitdaging zochten in de lange route vol bochten en bergpasjes. Alleen al bij het idee begon ons hart sneller te kloppen. Zodra we de motoren startten en de eerste kilometers achter ons lieten, voelden we de vrijheid waar we het allemaal voor deden.

De weg kronkelde langs groene hellingen en slingerde door pittoreske dorpjes waar de tijd leek stil te staan. Af en toe kwamen we op prachtige bergpassen waar het asfalt zich als een lint voor ons uitstrekte. Hier konden we onszelf helemaal uitleven. Het ene moment vlogen we door een scherpe haarspeldbocht, het andere moment schoten we met nét iets te veel snelheid langs een steile afgrond – spannend, maar o zo genieten! Het geluid van de motoren weerkaatste tegen de rotswanden en gaf ons het gevoel deel uit te maken van de bergen zelf.

Na uren vol adrenaline, zon en wind in ons gezicht, kwamen we tegen de avond weer terug op de camping. Het was alsof we in een warm bad stapten: de motoren konden rusten, wij konden ontspannen. We pakten er een zoete, sappige watermeloen bij, staken een sigaar op en lieten het schuimende bier ons goed smaken. Het was dat soort moment waarop je achterover leunt, diep ademhaalt en denkt: ja, dit is het leven.

De dag was nog niet voorbij, want er stond een all-in buffet klaar op de camping. Alsof we niet genoeg verwend waren met de route, werden we nu ook culinair in de watten gelegd. Borden vol schnitzels, knapperige worsten, goudbruin gebakken aardappelpartjes en frisse salades vulden de tafels. We smulden alsof we dagen niet hadden gegeten. Elke hap smaakte naar meer, en de sfeer aan tafel maakte het helemaal af: lachende gezichten, verhalen over de bochten en stiekeme grapjes over wie er net iets té hard doorheen was gegaan.

Met volle buiken en tevreden gezichten liepen we terug naar de tent. De lucht was inmiddels donker en de eerste sterren verschenen boven ons. Moe, voldaan en met het geluid van krekels op de achtergrond, kropen we in onze slaapzakken. Terwijl de dag langzaam in onze gedachten wegzakte, wisten we het zeker: dit was een prachtige, geslaagde dag – eentje die we niet snel zouden vergeten.